

Blue Boat schadevergoeding vergunningenbeleid is een onderwerp dat opnieuw de aandacht vestigt op het omstreden vergunningensysteem voor rondvaartboten in Amsterdam. De civiele rechter heeft bepaald dat de gemeente Amsterdam een schadevergoeding moet betalen aan rondvaartbedrijf Blue Boat Company. De uitspraak volgt op een jarenlang juridisch conflict over het nieuwe vergunningenbeleid, dat eerder al door de Raad van State werd teruggefloten.
Hoewel de exacte hoogte van de schadevergoeding nog moet worden vastgesteld, staat vast dat de gemeente aansprakelijk is voor een deel van de financiële schade die Blue Boat heeft geleden. De uitspraak kan bovendien gevolgen hebben voor andere rederijen die eveneens schadeclaims hebben ingediend.
De gemeente Amsterdam voerde in 2021 een nieuw vergunningenbeleid in om de drukte op de grachten terug te dringen. Het aantal vergunningen voor commerciële rondvaartboten werd beperkt tot 550. Daarnaast veranderde ook de manier waarop vergunningen werden verdeeld.
Waar vergunningen voorheen vaak voor onbepaalde tijd werden verstrekt, moesten rederijen voortaan deelnemen aan een lotingssysteem. Elke boot had afzonderlijk een vergunning nodig, waardoor veel ondernemers onzeker werden over de toekomst van hun vloot.
Voor Blue Boat Company had dit grote gevolgen. De bekende Amsterdamse rederij beschikte over negentien rondvaartboten, maar moest vanwege het nieuwe beleid afscheid nemen van drie schepen.
Doordat honderden ondernemers tegelijkertijd hun overtollige boten probeerden te verkopen, ontstond een groot overschot op de markt. In totaal moesten ruim zevenhonderd schepen concurreren voor slechts 155 beschikbare vergunningen binnen bepaalde categorieën.
Hierdoor daalde de waarde van de rondvaartboten aanzienlijk.
Blue Boat zag zich genoodzaakt drie boten te verkopen tegen prijzen die volgens het bedrijf ver onder de normale marktwaarde lagen. De onderneming stelde dat deze financiële schade rechtstreeks het gevolg was van het gemeentelijke beleid.
Naast de verkoop van de schepen liep het bedrijf ook inkomsten mis doordat de grote rondvaartboot Flying Dutchman gedurende ongeveer twee jaar niet kon worden ingezet.
In 2024 kreeg een groot aantal Amsterdamse rederijen gelijk van de Raad van State. Maar liefst 51 bedrijven waren gezamenlijk in hoger beroep gegaan tegen het vergunningensysteem.
De hoogste bestuursrechter concludeerde dat de gemeente haar beleid onvoldoende had onderbouwd. Daardoor moest Amsterdam het vergunningenbeleid intrekken en opnieuw beginnen met het ontwikkelen van nieuwe regels.
Voor Blue Boat kwam deze uitspraak echter te laat. De drie boten waren inmiddels al verkocht en konden niet meer worden teruggehaald.
De civiele rechter heeft nu geoordeeld dat de gemeente verantwoordelijk is voor een deel van de schade die Blue Boat heeft geleden.
Volgens de rechtbank zijn niet alle onderdelen van het vaarbeleid automatisch onrechtmatig. Wel kunnen individuele besluiten die aantoonbaar onjuist zijn leiden tot een schadevergoeding wanneer een bedrijf daardoor financieel nadeel ondervindt.
In het geval van Blue Boat is daarvan volgens de rechter sprake.
Hoe hoog de uiteindelijke vergoeding wordt, moet nog worden berekend. Wel staat vast dat de gemeente alvast ruim 2.300 euro aan proceskosten moet terugbetalen.
De uitspraak kan verstrekkende gevolgen hebben voor de gemeente Amsterdam.
Niet alleen Blue Boat heeft schade geleden door het vergunningenbeleid. Ook meerdere andere rondvaartbedrijven hebben procedures lopen waarin zij compensatie eisen.
Vooral kleinere ondernemers zeggen zwaar te zijn getroffen. Sommige familiebedrijven zagen zich genoodzaakt hun activiteiten volledig te beëindigen omdat zij geen toekomst meer zagen binnen het nieuwe vergunningensysteem.
Als meerdere rechters tot vergelijkbare uitspraken komen, kan de financiële schade voor de gemeente aanzienlijk oplopen.
Ondertussen werkt de gemeente Amsterdam aan een nieuw vergunningenbeleid voor de rondvaartsector.
Volgens het gemeentebestuur blijft het noodzakelijk om de drukte op de Amsterdamse grachten te beperken. Dagelijks varen honderden commerciële rondvaartboten door de historische binnenstad, wat volgens de gemeente leidt tot verkeersdrukte, geluidsoverlast en extra belasting van de grachten.
Tegelijkertijd moet het nieuwe beleid beter aansluiten bij de eisen van de Raad van State én de Europese regelgeving.
Zo mogen vergunningen volgens Europese regels niet onbeperkt of levenslang worden verstrekt. De gemeente zal daarom een nieuw systeem moeten ontwikkelen dat zowel juridisch houdbaar is als voldoende duidelijkheid biedt aan ondernemers.
De uitspraak in de zaak van Blue Boat vormt een belangrijk moment voor de Amsterdamse rondvaartsector. De rechter erkent dat ondernemers financieel nadeel kunnen ondervinden wanneer overheidsbeleid achteraf onrechtmatig blijkt of onvoldoende zorgvuldig is voorbereid.
Voor Blue Boat betekent dit een eerste stap richting compensatie voor de geleden schade. Tegelijkertijd kijken andere rederijen met belangstelling naar de verdere afhandeling van de zaak, omdat deze mogelijk richtinggevend is voor hun eigen schadeclaims.
De komende periode zal duidelijk worden hoeveel de gemeente uiteindelijk moet uitkeren en welke invloed deze uitspraak heeft op toekomstige procedures én het nieuwe vergunningenbeleid voor de Amsterdamse grachten.
Politie bekogeld met vuurwerk Osdorp: ME grijpt in na onrust. Lees hier meer!



